Verdrag van Singapore Internationale bemiddelingsakkoorden eenvoudiger afdwingbaar buiten de EU
Internationale bemiddelingsakkoorden kunnen vandaag moeilijk afdwingbaar zijn zodra partijen of activa zich buiten de EU bevinden. Het Verdrag van Singapore wil daar verandering in brengen door een uniform kader te bieden voor erkenning en tenuitvoerlegging in verdragsstaten.
Het United Nations Convention on International Settlement Agreements Resulting from Mediation (20 december 2018), beter bekend als het Verdrag van Singapore, creëert een wereldwijd kader om bemiddelingsakkoorden in internationale handelsgeschillen te laten erkennen en ten uitvoer te leggen. Dat is vooral relevant wanneer één van de partijen of de vermogensbestanddelen zich buiten de Europese Unie bevinden.
Deze ontwikkeling is in het bijzonder relevant voor advocaten, bemiddelaars en ondernemingen die grensoverschrijdend zakendoen en bemiddeling inzetten als alternatief voor arbitrage of gerechtelijke procedures.
Kernpunten van het Verdrag van Singapore
- Waarom dit belangrijk is: zonder het Verdrag is grensoverschrijdende tenuitvoerlegging van via bemiddeling bereikte akkoorden met partijen uit derde landen (buiten de EU) vaak complex en omslachtig.
- Wat het Verdrag doet: het zorgt voor een soort ‘paspoort’ voor wereldwijde tenuitvoerlegging van internationale bemiddelingsakkoorden (vergelijkbaar met wat het Verdrag van New York voor arbitrage betekent).
- Toepassingsgebied: het Verdrag geldt voor internationale schikkingsovereenkomsten die uit bemiddeling voortvloeien, maar sluit o.m. consumentenkwesties en materies zoals familie‑, erf‑ en arbeidsrecht uit. Ook schikkingen die als vonnis of als arbitraal vonnis uitvoerbaar zijn, vallen buiten het toepassingsgebied.
- Status: het Verdrag is in werking sinds 12 september 2020 en werd inmiddels door meerdere landen geratificeerd; verschillende andere staten hebben ondertekend maar nog niet geratificeerd. Geen enkele EU‑lidstaat heeft het Verdrag tot dusver ondertekend.
Downloads
Meer informatie en duiding vindt u in de nota van mr. Herman Verbist, lid van onze ADR-commissie, en in de tekst van het Verdrag van Singapore zelf.
Ook interessant
Partijen moeten in staat blijven hun rechter te kennen
We hebben een kritisch advies geschreven bij het wetsvoorstel over de bescherming van magistraten en griffiers via het afschermen van hun identiteit. We vinden de voorgestelde regeling onverenigbaar met de fundamenten van een eerlijk proces en hekelen de manke argumentatie en rechtsvergelijking.
Hof van Cassatie bevestigt vertrouwelijkheid van bemiddeling
Zonder handtekening van de bemiddelaar is er geen bemiddelingsakkoord. Dat bevestigt het Hof van Cassatie in een recent arrest. Een zogenaamd "principieel akkoord" blijft dan ook vertrouwelijk en mag niet in rechte worden gebruikt.