Deontologie-advies Advies 746
Op grond van artikel 172.5.b van de Codex Deontologie voor Advocaten dienen alle aandelen van de uitbatende vennootschap in handen te zijn van een advocaat. Inzake het zogenaamd vreemd kapitaal maakt onze actuele deontologie geen onderscheid tussen werkelijk vreemd kapitaal van een investeerder en een familiale of patrimoniale optimalisatie.
Auteur
Merve Köse
Auteur
Dominique Dombret
Vraag
U vraagt mijn standpunt of het (deontologisch) toegelaten is dat een echtgenote van een advocaat mee aandeelhouder is in zijn advocatenvennootschap, weze het met B aandelen zonder stemrecht. De betrokken confrater stelt de vraag naar aanleiding van de omvorming van een patrimoniumvennootschap (waarin hij en zijn echtgenote elk 50% aandeelhouder zijn) naar een BV, die ook de uitbatende advocatenvennootschap zou worden.
De echtgenote zou als houder van B aandelen niet over stemrecht beschikken
Ik verleen u volgend advies.
Advies
Met betrekking tot de deelname in het kapitaal of de aandelen kan ik vooreerst verwijzen naar het advies deontologie nr. 659 (ook de stille vennoot dient een advocaat te zijn).
Mede op grond van artikel 172.5.b van de Codex Deontologie voor Advocaten dienen alle aandelen van de uitbatende vennootschap in handen te zijn van een advocaat.
Inzake het zogenaamd vreemd kapitaal maakt onze actuele deontologie geen onderscheid tussen werkelijk vreemd kapitaal van een investeerder en een familiale of patrimoniale optimalisatie.
Het oordeel dat u in fine van uw voormelde brief aanhaalt, met name dat het ontwerp van statuten de toets van onze deontologie niet doorstaat, dien ik derhalve te onderschrijven.
Jan Meerts
Bestuurder deontologie, tucht en regulering
Download
Lees ook dit advies:
Advies 659
Een advocaat mag een gewone commanditaire vennootschap oprichten voor de uitoefening van het advocatenberoep, op voorwaarde dat alle aandelen – ook die van de stille vennoot – in handen zijn van een advocaat.