Ga verder naar de inhoud

Deontologie-advies Advies 700

Het verlenen van juridisch advies en juridische ‘bijstand’ is geen exclusieve bevoegdheid of taak van de advocaat. De bijstand of vertegenwoordiging in rechte daarentegen is op enkele wettelijke uitzonderingen na wel exclusief toebedeeld aan de advocatuur.

Auteur

Merve Köse

Jurist deontologie
Merve Kose 02

Auteur

Dominique Dombret

Coördinator deontologie en tucht
Dominique Dombret 02

Deel dit artikel

Vraag

Enkele advocaten stellen zich vragen bij de geoorloofdheid van de juridische dienstverleningspraktijk XY.

Advies

Nazicht van de website van het advieskantoor leert mij dat de heren X en Y juridische bijstand verlenen, bestaande uit het geven van juridisch advies, opstellen van procedurestukken, voorbereiden van de cliënt op de zitting, opstellen van allerlei juridische documenten, nazicht of het invullen van de belastingaangifte, het opstellen van bezwaarschriften in het kader van de personenbelasting, …

Het verlenen van juridisch advies en juridische ‘bijstand’ is geen exclusieve bevoegdheid of taak van de advocaat. De bijstand of vertegenwoordiging in rechte daarentegen is op enkele wettelijke uitzonderingen na wel exclusief toebedeeld aan de advocatuur (artikel 440, alinea 1 Ger. W.).

Die uitzonderingen op het pleitmonopolie van de advocaat (zie artikel 728 Ger. W.) zijn in casu niet van toepassing. De heren X en Y behoren niet tot de categorieën van personen die de wetgever toelaat om een rechtzoekende te verdedigen voor de rechter.

Op basis van de informatie op de website begrijp ik dat zij dit ook niet doen, noch hun cliënten dit voorhouden. Zij lijken hun cliënten voor te bereiden op een zitting waar zij wellicht zichzelf zullen verdedigen. Los van de vraag of dit wenselijk is en in het belang is van de cliënten, doen de heren X en Y daar niets verkeerd mee.

Misschien is de titel ‘bijstand bij rechtszaken’ op de website wat verwarrend, maar wanneer men de inhoud van die rubriek leest, wordt alles wel duidelijk.

Verder heb ik ook geen aanwijzingen dat in bepaalde gevallen waarin het optreden van een advocaat vereist is (zoals bijvoorbeeld bij een eenzijdig verzoekschrift), de heren X en Y dit aan hun laars zouden lappen.

Uit hun website en uit de door mr. Z voorgelegde brieven blijkt dat de heren X en Y zich zeker niet uitgeven als advocaat. Bij hun voorstelling op de website schrijven ze uitdrukkelijk dat de heer X een tijdje advocaat is geweest maar dat dit niet was wat hij voor ogen had. Verderop lezen we: “We gingen daardoor beiden ook in de privé aan de slag als jurist.” (eigen onderlijning)

In de door mr. Z meegedeelde brief schrijft de heer X “Ik werd gecontacteerd door dhr. …, die mij aanstelde als lasthebber (geen advocaat) in deze echtscheidingszaak.” (eigen onderlijning)

De bedenking van mr. Z dat de praktijk van de heren X en Y mogelijk strijdig zou kunnen zijn met artikel 428 Ger. W., is dan ook onterecht. Zij geven zich niet uit als advocaat en wekken evenmin die indruk.

Bij de rechtzoekende zou misschien wel de idee kunnen bestaan dat de heren X en Y advocaat zijn, maar dit is dan wellicht eerder te verklaren door het feit dat men vaak het verschil niet kent tussen een jurist en een advocaat.

Op basis van de mij gekende informatie kan ik alleen maar besluiten dat zij op dit vlak correct lijken te handelen en hen (wellicht) geen inbreuk op de artikelen 428 Ger. W. en 227ter Sw. kan worden verweten (al ben ik niet bevoegd om hierover te oordelen).

Voor zoveel als nodig, merk ik volledigheidshalve op dat de advocaten die geconfronteerd worden met dit (of een ander) advieskantoor, er waakzaam voor moeten zijn dat de heren X en Y als jurist geen (strafrechtelijk beteugelbaar) beroepsgeheim hebben, dat voor hen niet de regel van de vertrouwelijkheid van briefwisseling geldt, dat zij niet zoals advocaten onder de beperkte meldingsplicht in het kader van de witwaspreventiewetgeving vallen, …

Ik besluit dan ook dat aan de hand van de voorliggende informatie het mij voorkomt dat de heren X en Y niets kan worden verweten.

(…)

Jan Meerts

Bestuurder deontologie, tucht en regulering

Ook interessant

Advies 756

Meer lezen

Advies 751

Meer lezen

Gerelateerd nieuws

Deze berichten verschenen recent:
Tucht

Zesde verslag College van Toezicht beschikbaar

Het College van Toezicht van de Vlaamse advocatuur heeft zijn zesde verslag gepubliceerd. Dat geeft een overzicht van de tuchtprocedures tegen Nederlandstalige advocaten in het gerechtelijk jaar dat loopt van 1 september 2024 tot 31 augustus 2025.

Meer lezen
Deontologie Stage

Nieuwe regels voor de stage vanaf 1 september 2026

Onze algemene vergadering keurde op 24 juni 2026 een grondige herziening goed van Hoofdstuk 1 van Deel II van de Codex Deontologie voor Advocaten (stage). Lees wat er wijzigt.

Meer lezen
Deontologie

Deontologische gedragslijnen voor onderzoekshandelingen door advocaten

Advocaten moeten hun deontologie en de toepasselijke wetsbepalingen naleven wanneer ze als onderdeel van hun beroepsactiviteiten onderzoekshandelingen uitvoeren. Lees onze deontologische gedragslijnen.

Meer lezen
Deontologie

OVB herziet essentiële plichten van de advocaat

Op 27 mei 2026 keurde de algemene vergadering van de OVB het reglement goed over de herziening van deel I van de Codex Deontologie voor Advocaten. Dat deel bevat de essentiële plichten van de advocaat. De herziening maakt deel uit van een bredere evaluatie waarbij de bepalingen werden getoetst aan hun actualiteitswaarde, duidelijkheid en evenredigheid.

Meer lezen
Tucht

Sterke opkomst en actuele thema’s op zesde editie Seminarie Tucht

Op donderdag 21 mei 2026 vond in Antwerpen de zesde editie van het Seminarie Tucht plaats. Het seminarie bracht opnieuw een groot aantal actoren uit de tuchtprocedure samen, waaronder stafhouders, leden van de tuchtraden en ondersteunende medewerkers.

Meer lezen
Deontologie

Algemene vergadering keurt vernieuwd werkingsreglement goed

Op 25 februari 2026 heeft onze algemene vergadering een volledig herwerkt werkingsreglement goedgekeurd.

Meer lezen
Deontologie

Limburgse advocate weggelaten wegens helpen in restaurant: hoe zit dat eigenlijk?

Er is opschudding ontstaan over de beslissing tot weglating van de Limburgse advocate die meewerkt in het restaurant van haar man. Er is gebleken dat er nogal wat verwarring daarrond bestaat, en ook kritiek op de beslissing.

Meer lezen
Tucht

Stel u kandidaat voor het College van Toezicht

Heeft u interesse in de deontologie en het tuchtrecht van de advocatuur? Stel u dan kandidaat om deel uit te maken van het College van Toezicht.

Meer lezen
Deontologie Opleidingsinstituut

Voortaan jaarlijks twee verplichte vormingspunten: één in deontologie, één in witwaspreventie

Sinds 2 oktober 2025 geldt een nieuwe verplichting voor elke advocaat: jaarlijks minstens één vormingspunt behalen in deontologie én één in witwaspreventie.

Meer lezen